ARCHIEF

MIECO-EFFECT ERKEND ALS DIENSTVERLENER VOOR DE KMO-PORTEFEUILLE

KAN OOK U GELD TERUGVERDIENEN VIA DE KMO-PORTEFEUILLE?

De kmo portefeuille is een laagdrempelige en interactieve subsidiemaatregel die ondernemers financiële steun geeft voor de aankoop van diensten en advies die de kwaliteit van hun onderneming verbetert.

 

Wat valt er precies onder advies?
Twee types advies komen in aanmerking voor een subsidie:

  • schriftelijke raadgevingen en aanbevelingen die bestaan uit een analyse van de probleemstelling, een eigenlijk advies, een implementatieplan en de begeleiding bij de implementatie.
  • schriftelijke raadgevingen en aanbevelingen die bestaan uit het identificeren, in kaart brengen en onderzoeken van opportuniteiten en oplossingen met betrekking tot het bedrijfsfunctioneren van de onderneming.

De aanvaardbare kostprijs van een advies bedraagt minimum € 500 (exclusief btw). Natuurlijk is het de bedoeling dat dit advies uw onderneming extra stimuleert. Daarom komt advies over je gewone bedrijfsuitgaven, andere subsidies of wettelijke verplichtingen niet in aanmerking voor subsidies.

Wat betekent dit voor u?

Concreet kan bijvoorbeeld voor het opstellen van een beheerplan of een monitoropdracht beroep gedaan worden op deze subsidies mits u beantwoordt aan de voorwaarden als onderneming.

 

Komt uw onderneming in aanmerking voor de subsidie?
þ Uw onderneming is een kmo of u beoefent een vrij beroep.
þ Uw onderneming heeft een aanvaardbare rechtsvorm.
þ Uw vestiging ligt in het Vlaams Gewest.
þ U bent actief in de privésector. De participatie van een administratieve overheid is minder dan 25%.
þ Uw bedrijf heeft een aanvaardbare hoofdactiviteit (NACEBEL-code).

 

Hoeveel subsidies kan u krijgen?
Dit is afhankelijk van de grootte van uw onderneming: een kleine onderneming kan 40% steun genieten via de kmo-portefeuille (maximaal € 10.000 steun per jaar) en een middelgrote onderneming 30% (maximaal € 15.000 per jaar).

 

Hoe doe je dat?

Allereerst dient u te zorgen dat uw organisatie geregistreerd staat bij het agentschap ondernemen en innoveren.

Om vervolgens de subsidie te kunnen aanvragen, vraagt u online project aan,  vervolgens stort u een bedrag op uw (elektronische) kmo-portefeuille. De Vlaamse overheid vult dat bedrag verder aan met subsidies. Daarmee kan u de geregistreerde dienstverlener betalen voor de geleverde diensten. De BTW is hier niet inbegrepen, die moet u dus apart storten.

  

MEER INFO:

Mail: Manuela.vandenboer@miecoeffect.be

https://www.vlaio.be/nl/subsidies-financiering/kmo-portefeuille

Natuurboeren

Al enige tijd is landbouw een veelbesproken thema met als terugkomende vragen: “Hoe verduurzamen we onze landbouw?”, “Hoe zorgen we voor meer biodiversiteit in landbouwgebieden?”, “Hoe maken we onze landbouw klimaatvriendelijker?”. Het vinden van win-winsituaties tussen landbouw en andere thema’s – waaronder klimaat, landschap en recreatie -  past ook in de ambitie vanuit Ruimte Vlaanderen om ‘meer te doen met minder ruimte’. Iedereen praat er dus over, maar oplossingen aanreiken in deze problematiek vraagt expertise op verschillende domeinen.

 

Via het project ‘Opstellen van economische modellen voor samenwerking met landbouwers in natuurreservaten’, ook wel project natuurboeren genoemd, gaf het Agentschap Natuur en Bos ons de kans om binnen deze thematiek baanbrekend werk te verrichten. De kernvraag hierbij was: “Op welke wijze kunnen samenwerkingsverbanden worden opgezet tussen landbouwers en natuurbeherende organisaties & overheden om enerzijds natuurdoelstellingen te bereiken en anderzijds een leefbaar beroepsinkomen uit natuurbeheer te halen voor landbouwers?” De studie natuurboeren werd eind 2018 afgerond en baande zich razendsnel een weg door het Vlaamse - digitale - landschap.

 

Het eindrapport bevat aanbevelingen die nuttig zijn met het oog op de samenwerking tussen lokale landbouwers en natuurbeheerders te verbeteren. Tevens biedt ze ook handvaten om landbouwers die aan natuurbeheer willen doen een beter kader te voorzien zodat ze de nodige kansen krijgen.

De studie ‘natuurboeren’ kwam tot stand in een samenwerkingsverband tussen ecologen en procesbegeleiders van Mieco-effect, economen van het VITO en landbouwconsultants.

Binnen de opdracht werd o.m. een rekentool opgemaakt die toeliet het bedrijfseconomisch effect te berekenen van het beheren van een bepaald oppervlakte en type natuurgrasland binnen een landbouwbedrijf. Ook werden landbouwbedrijven, verspreid over heel Vlaanderen, onderzocht waar al in zekere mate aan natuurbeheer wordt gedaan. Het inzetten van de ontwikkelde rekentool voor deze cases leverde nieuwe inzichten op over de bedrijfseconomische impact van het integreren van natuurbeheer binnen een landbouwbedrijf. Tevens werd een methode ontwikkeld waarbij natuurbeherende organisaties en overheden natuurgraslanden toewijzen aan landbouwers/landbouwbedrijven waarvoor natuurgras aanwenden het meest nuttig is en zo de beste garanties biedt op een duurzame samenwerking.

 

Naast de deliveries zoals hierboven beschreven, is het meest heuglijke resultaat van deze studieopdracht dat de werkwijze en conclusies interesse heeft opgewekt bij diverse stakeholders waaronder de natuursector, de landbouwsector en de regionale landschappen.

 

Mede hierdoor is het geloof toegenomen dat er een toekomst is voor natuurboeren in Vlaanderen

Windturbineproject Genk-Zuid

 

U merkte het al, het thema “klimaat” is “hot” vandaag. Vlaanderen staat voor grote uitdagingen om de energie- en klimaatdoelstellingen te halen. De Vlaamse regering stelt een forse uitbreiding van het aantal windturbines in Vlaanderen voorop in het windplan (Windkracht 2020). In dit plan zijn havens en industriegebieden aangeduid als zones waar prioritair werk moet worden gemaakt van het uit te breiden windturbinepark. Na de windturbine projecten in de haven van Antwerpen op Rechter- en Linkeroever, werkt Mieco-effect nu ook mee aan de effectbepaling voor Zuidwind, een groot windturbineproject in het industriegebied Genk Zuid.

 

In dit ambitieuze project worden, naast de 19 gebouwde of vergunde turbines, 25 nieuwe windturbines voorzien. Mieco-effect onderzoekt of het plaatsen van deze turbines negatieve effecten kan hebben op het vlak van natuur. Het industriegebied Genk Zuid is immers aan alle zijden omringd door natuurgebieden en wordt doorsneden door het Albertkanaal dat een belangrijke vliegroute vormt voor vogels en vleermuizen. De effectbepaling legt de focus op vogels en vleermuizen. We baseren ons  voor een groot deel op eigen telgegevens.

 

De inventarisaties zijn intussen afgerond, maar het onderzoek naar de effecten is nog lopende. Later dit jaar verwachten we de resultaten.  

 

Ook in andere provincies zijn we actief. Voor meer info, kan u mailen  naar info@miecoeffect.be of telefoneren naar 013/328919.

 

Annemie Pals


Groene energie zonder impact op de natuur!?

In de media schrijft men weer druk over de noodzaak van een transitie richting meer groene energie. Energie uit windturbines is zeker één oplossing die daarbij naar voren wordt geschoven. Maar ook ‘groene’ energie is niet altijd zonder meer goed voor de natuur. Wanneer een initiatiefnemer een windturbine inplant vlakbij bijvoorbeeld een belangrijke broedplaats van vogels of op een trekroute van vleermuizen, kunnen er soms slachtoffers vallen. Daarom is het essentieel om de locatie van toekomstige windturbines goed te onderzoeken om negatieve effecten te vermijden.

 

Mieco-effect voert als onafhankelijk studiebureau onderzoek uit voor verschillende ontwikkelaars die willen investeren in windenergie. In verschillende stadia van het proces kan men ons inschakelen. Zo voeren we tellingen uit van overtrekkende vogels of vleermuizen om vooraf na te gaan welke locaties de projectontwikkelaar best vermijdt. Ook voor de vergunning kan de initiatiefnemer op onze hulp rekenen om de noodzakelijke documenten uit te werken die bij de vergunningsaanvraag komen kijken (natuurtoets, passende beoordeling, ontheffing of MER). Na de plaatsing van de turbine nemen we de post-monitoring op ons die vaak als voorwaarde bij de vergunning wordt opgelegd. Dit kan gaan van het verder opvolgen van de vogelpopulatie tot het tellen van slachtoffers in een windturbinepark.

 

Zo zorgen we er onder andere voor dat deze groene energie kan samengaan met de natuur in de omgeving.

 


baanbrekend project toegewezen aan mieco-effect:

het ontwikkelen van economische modellen voor natuurboeren

Vanaf 11 september 2017 gaan onder andere medewerkers van Mieco-effect aan de slag om economische modellen voor samenwerking met landbouwers in natuurreservaten op te stellen.  Een project uitgeschreven door het agendschap voor natuur en bos. Samen met Wim Govaerts, Kurt Sannen en medewerkers van Vito vatten we deze taak met veel enthousiasme, kennis en participatie aan.

Wordt ongetwijfeld vervolgd.

 

 


De langste ecocorridor voor Gladde slang in Vlaanderen:

Wilde droom of nabije toekomst?

De Gladde slang is een vrij kleine, niet-giftige slang, waarvan de verspreiding in Vlaanderen zich de laatste jaren beperkt tot de provincies Limburg en Antwerpen. In de andere provincies is de soort hoogstwaarschijnlijk uitgestorven. De Gladde slang is een Europese doelsoort. Dit betekent dat er in de Europese lidstaten maatregelen worden genomen die voor deze soort een ‘gunstige staat van instandhouding’ creëren.

In ons versnipperde Vlaamse landschap is een goede verbinding tussen de geïsoleerde populaties van essentieel belang. Hierdoor wordt genenuitwisseling mogelijk gemaakt. Daarnaast is het belangrijk de bestaande kwalitatieve habitats voor deze soort te behouden en waar mogelijk te ontwikkelen.

Mieco-effect ontwikkelde recentelijk een conceptnota over een mogelijke ecologische corridor voor de Gladde slang tussen het Militair domein Meeuwen-Helchteren en het Nationaal Park Hoge Kempen (NPHK). Hiervoor werden de potentieel aanwezige habitats in kaart gebracht, mogelijke routes uitgestippeld, knelpunten (o.a. harde barrières zoals wegen, recreatieve ontsluiting, …) opgelijst en inrichtings- en beheermaatregelen besproken.

 

 

Op basis van de nota kan worden geconcludeerd dat het zeker mogelijk is om in Limburg de wellicht langste corridor van Vlaanderen voor de vlagsoort Gladde slang vorm te geven en in te richten. 

Verspreidingskaart Gladde slang van 1996 tot 2011 uit website: www.researchgate.net  


KIEKENDIEF KAN ZONDER BOEREN NIET OVERLEVEN

Het Interregproject Groot-Saeftinghe - Kiekendiefproject

Het werd als een vaststaand feit beschouwd dat landbouw en natuur onverenigbaar is.  Maar is dat wel zo?  

Reeds een tijdje geleden stapte Toon Tessier van de Haven van Antwerpen naar Mieco-effect met de vraag of we samen met plaatselijke landbouwers willen werken aan de habitat van de Bruine Kiekendief.  Op het eerste zicht een onmogelijke opdracht maar voor Mieco-effect een fantastische uitdaging!

In samenwerking met twee landbouwexperten brainstormde onze top-ecoloog Mischa Indeherberg rond dit vraagstuk.  Van de Haven kregen we de ruimte om te experimenteren in een pilootproject "het Kiekendiefproject".  We bestudeerden een aantal kiekendiefvriendelijke teelten die tegelijk een zeker economisch rendement opleverden.  Deze insteek, in combinatie met een op maat gerichte aanpak, zorgde ervoor dat we snel een groep bereidwillige landbouwers vonden.

 

Sinds juni 2016 kon het pilootproject voortvloeien in het interregproject Groot-Saeftinghe.  Intussen wordt het project gedragen door verschillende partners van zowel Belgische als Nederlandse kant.  Ook zij zijn druk bezig met het experimenteren met nog andere mogelijke Kiekendiefvriendelijke teelten.  De actieve landbouwers kunnen  blijven rekenen op onze begeleiding.  Regelmatig schrijven we een nieuwsbrief om iedereen op de hoogte te houden.

 

We kregen veel persaandacht voor het project. Via de onderstaande linken kunnen jullie de volledige artikels van de pers lezen.

 

De Standaard 26 juni 2018

http://www.standaard.be/cnt/dmf20180625_03580459?utm_source=standaard&utm_medium=social&utm_campaign=send-to-a-friend

De demodag 6 juni 2016 voor het interregproject Groot-Saeftinghe

 

Het uitgangspunt van dit project is om een winwin-situatie te creëren voor natuur én landbouw.

 

Wij wensen jou veel genot bij het bekijken van onderstaande film.

 

 

 

 

Succesvolle demodag

6 juli 2016

Interregproject Groot Saeftinghe

 

 

 

Het uitgangspunt van dit project is om een winwin-situatie te creëren voor natuur én landbouw.

 

Enerzijds namelijk landbouwpercelen creëren waar de Bruine kiekendief (vlagsoort) en de landbouwer van kan profiteren. Dit kan door bepaalde teelten te produceren die rijk zijn aan eiwitten en koolhydraten; zoals grasklaver, luzerne, mengteelten, combinatie braak-luzerne, faunagraslanden (kruiden, luzerne, granen). Bedoeling is om hierdoor een opbouw van het prooi-aanbod te verkrijgen voor de Bruine kiekendief (muizen, vogels, konijnen en hazen). Daarnaast zijn structuurrijke elementen (in hoogte) gecombineerd met open velden het ideale habitat voor hem.

Anderzijds kunnen deze teelten de landbouwer ook een bedrijfseconomisch voordeel opleveren.

 

Hieronder vindt u enkele tips en weetjes die we u willen meegeven:

 

Toepassing veeteelt en akkerbouw

De bedoeling van grasklaver is om eiwit te produceren. Herkauwers zijn ideaal om laagwaardig eiwit op te waarderen. Traditioneel wordt er maïs, bietenpulp en gras gevoederd, aangevuld met soja. Als de eiwitaanvoer (soja) daalt geeft dit een bedrijfseconomisch voordeel.

Bovendien fixeert klaver stikstof uit de lucht. De betrachting is om 50 kg N / 1000 kg droge stof / ha / jaar te halen. Hierdoor is er minder kunstmest nodig (gemiddelde kost: €200/ha).

 

Voor de akkerbouw wordt het belangrijk om een hoge opbrengst te verkrijgen via het optimaliseren van de bodemvruchtbaarheid. Dit kan door in de klassieke rotatieteelt (een wisselcyclus van 4 à 5 teelten) de maïs te vervangen door grasklaver of luzerne en daarna te ploegen. Dit zorgt voor afwisseling, creëert een goede bodemhuishouding en verhoogt de productiviteit van de daaropvolgende teelten met 10 à 15%.

 

Teelten grasklaver

Er zijn belangrijke verschillen tussen klavers.

Rode klaver heeft een penwortel met knobbels (wortelknol). Als hij kapot is, is hij kapot. Witte klaver heeft eerder een kruipend wortelstelsel; deze kapot maken verdubbelt de omvang ervan.

Bij een veld met enkel rode klaver krijg je berijdbare plekken, dus daar gedijt het minder goed. Bij een veld met enkel witte klaver valt de opbrengst tegen.

Graaspercelen bevatten voornamelijk witte klaver met wat rode ertussen (deze laatste wordt snel verwijderd door de koeien). Maaipercelen bevatten vooral rode klaver, anders is er te weinig opbrengst.

 

Resultaten demoveld

De zaai is redelijk laat gebeurd, eind september – begin oktober. Het perceel was niet berijdbaar; er is geen dierlijke mest opgebracht (dus geen stikstof). De eerste snede (is krachtvoer, geen ruwvoer) was weinig. De tweede snede gaf het dubbele aantal in balen; 5500 à 6000 kg droge stof. Hier is wel varkensdrijfmest opgebracht. 12000 kg droge stof / jaar zou haalbaar zijn.

 

Tips bij telen

-kleine zaaidiepte hanteren bij gras en klaver

-niet te grote hoeveelheden ineens zaaien

-het zaad mengen alvorens en tijdens het zaaien, omdat sommige zaden zwaarder zijn 

 

-drijfmest met sleepslang aanbrengen of effluent erover; zo krijg je minder open plekken.


Mogelijkheden tot medewerking van landbouwers ter uitbreiding van kiekendiefvriendelijke gewassen op Linkeroever te Antwerpen

BEHEEROVEREENKOMST

 Definitie en modaliteiten

Hierbij maakt landbouwer gebruik van bestaande beheerpakketten.
Het betreft een overeenkomst die gesloten wordt voor 5 jaar waarvoor een bepaalde vergoeding binnen het kader van PDPO III voorzien wordt.

 

Voorbeelden van dergelijke overeenkomsten zijn: perceelsrandenbeheer, akker- en weidevogelbeheer en botanisch beheer. Meer info over de beheerovereenkomsten vindt u op: http://www.vlm.be/nl/themas/beheerovereenkomsten

PASMUNTOVEREENKOMST

Definitie en modaliteiten

Vorm van overeenkomst waarbij de overheid aan de landbouwer voor een bepaalde periode een bepaalde oppervlakte grond ter beschikking stelt. Op deze grond kan de landbouwer specifieke teelten verbouwen voor eigen nut.
In ruil (als ‘pasmunt’) voert de landbouwer een ‘kiekendiefvriendelijk beheer’  uit op een bepaalde oppervlakte grond die hij/zij (al) in gebruik heeft.
Onder kiekendiefvriendelijk beheer wordt o.m. verstaan: grasklavers, luzerne, mengteelten van vlinderbloemigen en graansoorten, ….

 

Duurtijd overeenkomsten lopend van 1 – 5 jaar.

MEDEWERKING i.h.k.v. DEMOPROJECT

Definitie en modaliteiten

Deelname aan proefproject op overheidsgronden waarbij landbouwer werkzaam-heden uitvoert volgens afspraken in een overeenkomst met de overheid (VLM)
Landbouwer kan tijdelijk kosteloos beschikken over de aangeboden gronden en de geproduceerde gewassen

 

Proefprojecten kan waaier aan gewassen betreffen (grasklavers, luzerne, mengteelten van vlinderbloemigen en graansoorten), al of niet in combinatie met specifieke, aanvullende natuurgerichte maatregelen (specifiek beheer rietstrook, beheer graslandstrook, braak, …)

VRIJWILLIGE MEDEWERKING ZONDER OVEREENKOMST

Definitie en modaliteiten

Landbouwer verbouwt een kiekendiefvriendelijk gewas  op eigen gronden (grasklavers, luzerne, mengteelten van vlinderbloemigen en graansoorten, …)

 

Zonder dat hier een specifieke overeenkomst wordt aangegaan

Heb je onze nieuwsbrief "de beheerflash" al gelezen?

Via deze nieuwsbrief krijg je kant en klare tips over het beheer van bos en natuurgebieden.  En dit aan de hand van aangename filmpjes.

 

Bijvoorbeeld hieronder

 


Seminar over Beheer te Diest

In april 2016 organiseerde we een seminar over de veranderingen in de wetgeving rond beheer.

"Wat mag ik (niet) verwachten van het natuurbeheerplan?"

 


Grote opkomst voor de publieke wandeling in de Postelse bossen.